‘Bergen op Zoom heeft een ziel, dat trok me zo aan aan deze stad’

Verhalen / Wonen

Wil je vaker lezen over Bergen op Zoom?

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Waarin ben je geïntereseerd?

Bedankt voor je aanmelding voor onze nieuwsbrief!

In onze rubriek ‘Bergse gezinsbabbel’ portretteren we gezinnen die van buiten Bergen naar onze stad zijn gekomen. Wat bracht hen hier? En hoe bevalt Bergen op Zoom als nieuwe thuishaven? Vandaag Hilde Bruning (41), moeder van Amy (21), Emma (18), Matthijs (15), Anne-Sophie (11) en Jesse (9).

Vanuit de grote stad Amsterdam naar Bergen op Zoom… Wat bracht jou hier?

Hilde: “Mijn ouders verhuisden nogal regelmatig toen ik klein was. Vanuit Amsterdam gingen we naar een minuscuul dorpje in Groningen, daarna naar een gehuchtje op Goeree-Overflakkee… We vertrokken uiteindelijk naar Bergen op Zoom toen ik 18 was. Daar heb ik met plezier een paar jaar gewoon en daarna ben ik met mijn man naar Maassluis verhuisd. Toen dat resulteerde in een scheiding, besloot ik terug te keren naar Bergen op Zoom. Zo heb ik ongeveer alle hoeken van Nederland wel gezien. Echt veel moeite heb ik daar nooit mee gehad overigens. Ik ben er een makkelijker persoon van geworden, pas me snel aan.”

Waarom ging je terug naar Bergen op Zoom en niet naar Amsterdam, Groningen of Goeree?

Hilde: “Bergen op Zoom heeft een ziel, dat is wat mij zo aantrok aan deze stad. Ik ben helemaal niet spiritueel, maar je voelt hier de oudheid. Dat vind ik heel bijzonder. Daarbij vind ik de mensen hier heel prettig in de omgang. Iedereen is zo relaxt. En het is een fijne plek om je kinderen te laten opgroeien.”

En daar heb je er nogal een paar van…

Hilde: “Ik heb vijf kinderen, drie van mezelf en twee pleegkinderen. Al noem ik ze liever niet zo, zij zijn uiteindelijk ook gewoon mijn kinderen. Eigenlijk ben ik altijd wel met kinderen bezig. Naast mijn vijf eigen kinderen, ben ik ook nog gastouder voor negen verschillende kids. En ik heb mijn eigen stichting waarmee ik kinderfeestje organiseer voor gezinnen die het niet breed hebben, Stichting Kip en Apie. Hoe ik dat allemaal doe? Ach, soms even verstand op nul en gewoon doorgaan. Ik werk zo’n zestig a zeventig uur per week voor heel erg weinig. Maar wel vanuit passie. Ik werk met mijn hart. Dat hou je lang vol, hoor.”

En je eigen kinderen, hoe ervaren zij je drukke bestaan?

Hilde roept de kinderen… “Vertellen jullie het maar jongens!”

Emma: “Ik lijk het meest op mama. In de puberteit wil je dat natuurlijk niet, maar nu ben ik er trots op. Mensen vragen mij nu ook steeds vaker: hoe doet jouw moeder dat allemaal? Maar als zij iets echt wil, dan gaat ze ervoor. Daar heb ik wel bewondering voor.”
Anne-Sophie: “Echt streng is ze ook niet. Tenzij ik echt aan het puberen ben…”
Matthijs: “We zijn het ook gewend, dat er altijd visite is hier thuis. Ik weet niet beter.”
Emma: “Het fijne aan mama vind ik ook dat we alles kunnen zeggen. Ook als we een bepaalde mening over iets hebben.”
Hilde: “Zoals over mijn tatoeages…”
Jesse: “Ja, bah!”
Hilde, lachend: “Die vinden ze niet allemaal even mooi. Maar tegelijkertijd zijn ze blij met het open karakter dat ik heb. Ik laat ze vrij in het ontdekken van de wereld. Als ze straks achttien zijn en een tatoeage willen, prima. Liever dat ze hun armen vol tatoeëren en voor de buren zorgen, dan dat ze geen tatoeages hebben maar asociaal gedrag vertonen.
Emma: “Ook als het om vriendjes gaat kunnen we thuis alles zeggen. Mijn moeder weet het als eerste wanneer ik op date ga.”

Dat klinkt als een gezellig huishouden! Enne… Niet meer weg te denken uit Bergen op Zoom?

Jesse: “Ik vind het echt een topstad! Ik zit op de Borghoek, een hele leuke school. Mijn vrienden wonen dichtbij, er is genoeg te doen… Ik blijf hier denk ik mijn hele leven wonen.”
Hilde: “Ook ik ga niet meer weg. Ik heb hier nu mijn vriendenkring opgebouwd en, minstens zo belangrijk, mijn stichting. Een ambitie is wel om de stichting verder uit te breiden, misschien zelfs landelijk door te breken. Ik denk dat dat wel kan. Er is overal armoede. Als je ziet wat het resultaat is van wat wij doen… Dan breekt je hart soms. Bijvoorbeeld een vader die al vijf jaar achter elkaar nee moest zeggen als zijn zoontje vroeg om een eigen kinderfeestje. Door onze hulp kan het eindelijk. Die vader viel me huilend in de armen. Het zijn kleine gebaren met een groots resultaat. Het enige lastige is het vinden van vrijwilligers, zoals volgens mij in elke stichting. Verder probeer ik de toekomst zo min mogelijk te plannen.” Lachend: “Het is al zo vaak niet geworden zo ik het plande. Ik laat het nu lekker op mijn pad komen allemaal.”