Diemer van Wijk: ‘Mijn droom? Mezelf naar de Eredivisie tillen’

Verhalen / Erfgoed & Cultuur

Wil je vaker lezen over Bergen op Zoom?

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Waarin ben je geïntereseerd?

Bedankt voor je aanmelding voor onze nieuwsbrief!

Hij werd geboren in Roosendaal, groeide op in Essen, maar wist het op zijn elfde zeker: in Bergen op Zoom wonen, dát is leuk! En dus verhuisden zijn ouders met hem naar de plek waar Brabant Zeeland kust. Inmiddels is Diemer van Wijk (33) niet meer weg te denken uit het Bergse. Van zijn hobby, het toneel, heeft hij in Bergen op Zoom zelfs zijn werk gemaakt. Tijd voor een goed gesprek…

Diemer van Wijk, regisseur van de Bergse Operette Vereniging (BOV), en voor veel Bergenaren inmiddels een bekende naam. Maar wie is Diemer eigenlijk?

Diemer: “Als ik mezelf moet omschrijven… Ik ben iemand die altijd overal de slingers wil ophangen. Ik heb geleerd dat je zelf iets van het leven moet maken en dat probeer ik dan ook overal te doen. Ik moet er zelfs voor waken dat ik niet doorsla in enthousiasme. Mijn moeder zegt altijd: als Diemer niet zingt of heel blij doet, dan is er iets. Verder ben ik opgegroeid in België, Essen. Een groot deel van mijn familie, onder wie mijn opa en oma, woonde wel in Bergen op Zoom. Altijd als wij Bergen op Zoom bezochten, was er wel iets leuks te doen in de stad. Dat werd dus op jonge leeftijd mijn referentiekader: in Bergen op Zoom is het altijd leuk. Dus toen mijn ouders mij op mijn elfde – mijn zussen waren al uit huis – vroegen waar ik zou willen wonen als we zouden verhuizen, hoefde ik niet lang na te denken.”

Hoe was het om hier, zonder verdere vriendjes, op je elfde te komen wonen?

Diemer: “Dat was in het begin wel een dingetje. Ik ben geboren in Nederland, maar verhuisde al op jonge leeftijd naar België. Met als gevolg dat ik in België altijd werd gezien als de Nederlander. Maar intussen kreeg ik wel een Vlaams accent, dus toen ik naar Bergen op Zoom verhuisde, werd ik hier juist weer gezien als de Belg. In het begin vond ik dat nog wel eens lastig. Alsof ik het beide net niet helemaal was, zeg maar. Maar al vrij snel sloot ik me aan bij sportverenigingen als Spado en Dosko. Het jeugdtheater volgde niet veel later. En het feit dat mijn opa jarenlang de Bergse Sinterklaas was, zorgde wel voor empathie, ook al begrijp je dat op je elfde nog nauwelijks. Zodoende heb ik in korte tijd veel mensen leren kennen.”

Was het verenigingsleven van Bergen op Zoom dan ook jouw opstap naar het toneel, wat nu je werk is?

Diemer: “Eigenlijk was ik als klein jochie altijd al bezig met toneelspelen. Van de zolder in ons ouderlijk huis bouwde ik een spookhuis. Uren kon ik me vermaken in mijn eigen fantasiewereld en voerde ik spannende shows op.” Lachend: “Geen goedlopende shows overigens, want er kwam nooit iemand kijken. Op mijn zus na, zo nu en dan. Maar vaker nog zette ik mijn zus aan het werk in de shows die ik thuis bedacht. Als ik nu terugkijk naar toen, zie ik dat ik toen al trekjes van een regisseur vertoonde, de plek die ik nu op het toneel heb. Ik bedacht de shows en reikte mijn zus haar rol aan. Zij voerde die braaf op. Een paar jaar later belandde ik op jonge leeftijd op het toneel bij Jeugdtheater Rotonde en raakte ik verknocht aan het toneelwereldje. Vooral de gezamenlijke passie delen met andere mensen is wat ik er zo tof aan vond. Lange tijd dacht ik na de middelbare school de toneelschool te gaan volgen, maar toen ik de open dag bezocht, voelde ik ineens dat ik daar niet klaar voor was. Ik zag allemaal excentrieke mensen, terwijl ik zelf nog zo nuchter en gewoon maar Diemer was.”

En toch ben je inmiddels professioneel regisseur?

Diemer: “Ik besloot de Pabo te gaan doen in Vlissingen. Ondertussen bleef ik actief op het toneel bij onder andere het Gezellentoneel en de Vierschaar. Maar ik vroeg me wel steeds vaker af: kan ik hier, op het Bergse toneel, mijn ei nog kwijt? Ik heb van nature altijd de drang gehad om te groeien als persoon. Dus toen die twijfel begon op te spelen, besloot ik me na de Pabo in te schrijven aan de theaterschool in Rotterdam. Al vrij snel mocht ik na een auditie meespelen in een grote landelijke theaterproductie. We reisden een half jaar lang het hele land door. Dat was natuurlijk te gek. Niet veel later mocht ik shows opvoeren in de Efteling, wederom fantastisch. En ik kreeg een rol in een programma bij RTL Telekids. Maar hoe leuk dat ook was, het werd ook een keerpunt voor me. In die ‘grote’ wereld is acteren heel anders dan ik gewend was van ‘de amateurwereld’, waar je alles zelf moet regelen. Bij RTL werd ik in de make-up gezet, de decors stonden klaar, mijn kleding was voor me uitgezocht… Het enige wat ik nog hoefde te doen, was mijn tekst opvoeren. Vanaf dat moment wist ik: dit wil ik niet. Ik was juist altijd zo graag bezig met het totaalplaatje van het theater. Wat ik in al die jaren had gemerkt, was dat je als acteur heel erg bezig bent met jezelf, met je eigen rol. Volledige focus op wat jijzelf moet presteren, en wat de rest doet moeten ze zelf doen. Veel meer energie haalde ik juist uit alles daaromheen. Me bemoeien met de decors, met de inhoud van alle spelers, en het stuk en de spelers naar een next level tillen. Op de Toneelacademie van Maastricht heb ik me daarom laten scholen tot regisseur. Inmiddels ben ik bij de BOV bezig aan mijn zesde productie als professioneel regisseur.”

Het theaterwereldje ziet er altijd zo perfect en gezellig uit. Heeft het ook een keerzijde?

Diemer, na een lange stilte: “Het wereldje is voor mij daadwerkelijk overwegend fantastisch. Het mooie aan toneel vind ik dat we de toeschouwers uit hun werkelijkheid kunnen halen en even mee kunnen nemen naar een andere wereld. Dat is altijd mijn missie, daar haal ik veel voldoening uit. Maar nadelen zijn er natuurlijk overal. Het gevaar van dit wereldje is dat de kans groot is dat je gaat zweven. Op het toneel krijg je vaak veel lof, mensen vinden het fantastisch wat je doet. En dat geloof in jezelf is ook nodig om een goede rol weg te zetten. Maar je moet er niet in doorslaan. Dat is wat ik mijn spelers ook altijd meegeef. Toen we met de BOV in het DeLaMar Theater en daarna in Carré in Amsterdam mochten spelen, wat natuurlijk fantastisch was, zei ik tegen alle spelers: we moeten nu niet denken dat we op Broadway staan, jongens. Morgen is het gewoon weer een normale werkdag. Geniet, maar blijf met beide benen op de grond staan.

Heb je nog ambities voor de toekomst, of ben je content met hoe je leven er nu uitziet?

Diemer: “Ik vind het te gek wat ik nu doe. De BOV is een heerlijke club om voor te werken, met name door de samenstelling van de juiste mensen, die een geweldige energie vormen. Maar ik ben ook altijd bezig met hoe de dingen nog beter kunnen. Ook bij mezelf zitten er nog groeikansen. Ik vergelijk theater altijd met voetbal: De BOV speelt nu op hoog niveau van de amateurs, een volgende stap voor mezelf zou de Eerste divisie zijn. En daarna de Eredivisie. Dromen mag, toch? Ik blijf altijd ergens zolang er nog uitdaging voor mij is. Naast de BOV doe ik nog veel andere dingen in het entertainmentwereldje. Zo heb ik mijn eigen entertainmentbureau KAS Entertainment, ben speldocent aan de Junior Musical Class op het Roncalli en ben docent drama op de Pabo in Vlissingen. Dat ik zoveel verschillende dingen doe maakt dat ik kan leven van dit vak, wat nog niet zo vanzelfsprekend is. Daar ben ik voor nu best trots op.”

www.stichtingbov.nl