‘Toen we hier net woonden, hadden we constant een vakantiegevoel’

Verhalen / Wonen
Familie de Graaf

Wil je vaker lezen over Bergen op Zoom?

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Waarin ben je geïntereseerd?

Bedankt voor je aanmelding voor onze nieuwsbrief!

In onze rubriek ‘Bergse gezinsbabbel’ portretteren we gezinnen die van buiten Bergen naar onze stad zijn gekomen. Wat bracht hen hier? En hoe bevalt Bergen op Zoom als nieuwe thuishaven? Vandaag Franck (49), Mariëlle (48), Patrick (18), Wouter (15) en Joris (12) de Graaf, woonachtig op de Bergse Plaat.

Vertel, wat bracht jullie naar, zoals het momenteel heet, ‘t Krabbegat?

Franck: “Ik ben geboren en getogen in Middelburg. Toen ik ging studeren verhuisde ik naar Eindhoven waar ik Mariëlle ontmoette. Ik ben altijd een echte liefhebber van windsurfen geweest. Na onze studies gingen we samenwonen in Tilburg, maar ik miste het water in de buurt. Eenmaal in Tilburg keek ik eens op de kaart en zag dat er bij Bergen op Zoom een grote plas lag, de Binnenschelde. Daar ben ik op een zeker moment gewoon naartoe gereden, en dat was maar goed ook. Ik vond het meteen een prachtige plek. Nu wonen we er op een paar meter vandaan.”
Mariëlle: “Mijn roots liggen in Eindhoven, dus de stap naar Tilburg was voor mij niet zo groot. Maar toen we een tweede huis zochten, belandden we mede door Francks liefde voor het water in Bergen op Zoom. Toch een stukje verder van mijn ouderlijk huis vandaan. Gelukkig zijn we allebei vrij makkelijk en niet zozeer gebonden aan een bepaalde plek. Ik voel me in Bergen op Zoom inmiddels harstikke thuis. Behalve dan met carnaval. Dan mis in Eindhoven nog weleens… Dat is het lastige als je niet opgegroeid bent met de Bergse Vastenavend: het is toch net even anders dan in de rest van Brabant.”
Franck: “De woning die we nu hebben, is echt een droomhuis voor ons: vanuit onze achtertuin stappen we zo een bootje in, waarmee we de Binnenschelde op varen. Heerlijk, toch?”
Mariëlle, lachend: “En inmiddels hebben we ook onze eigen krabbekes gemaakt, drie stuks.”

En hoe vinden die ‘krabbekes’ het om in Bergen op Zoom te wonen?

Patrick: “Ik ben nog net geboren in Tilburg, maar van mijn tijd daar heb ik geen herinneringen. Toen ik twee jaar was, verhuisden we naar Bergen op Zoom. Dat voelt dan ook echt als mijn thuisstad. En een hele leuke thuisstad ook! Onze ouders hebben een mooie plek uitgekozen om te wonen. Grappig genoeg ben ik sinds afgelopen september wel weer verhuisd naar Tilburg. Daar studeer ik SPECO Sportmarketing aan de Fontys Hogeschool en woon ik op kamers. Ik besef nu pas hoe stil het thuis, bij mijn ouders, is. In Tilburg hoor ik écht overal geluiden, waar dat op de Bergse Plaat niet het geval is. Het is gezellig in Tilburg, maar ik snap ook waarom mijn ouders hier zijn gaan wonen.”
Wouter: “In de zomer gaan we vaak met elkaar of met vrienden het water op. Supertof dat dat gewoon thuis kan. Verder vind ik de stad ook best gezellig. De komende dagen ga ik met mijn vrienden van het Roncalli Vastenavend vieren. Onze ouders zijn daar best makkelijk in. Als ik pas om 1 uur ‘s nachts thuis kom, vinden ze dat prima. Belangrijker vinden ze dat ik het leuk heb en me een beetje gedraag.”
Mariëlle: “Toen we hier net woonden, had ik constant een vakantiegevoel. Eindeloos kon ik vogeltjes kijken met mijn zoon op de Binnenschelde en genieten van de stilte. Inmiddels is het toch enigszins normaal geworden, maar nog altijd waardeer ik deze plek enorm.”
Franck: “Het is ook leuk te zien hoe de Bergse Plaat een diversiteit aan bewoners trekt. Toen we hier net woonden, hadden we buurtgenoten uit Tilburg, Middelburg en zelfs uit Frankrijk, Schotland en Duitsland. Deels door grote bedrijven in de buurt, zoals Sabic.”
Patrick: “Maar ik denk dat de échte Bergenaar liever rond de Peperbus woont in plaats van op de Plaat…”
Mariëlle: “Ja, de echte Bergenaar is een chauvinist. Maar dat vind ik niet vervelend, of zo. Een Bergenaar mag wat mij betreft best trots zijn op zijn stad. Wat ik ook leuk vind hier, is dat de mensen zo open zijn naar elkaar. Als het vriest kunnen wij vanuit onze achtertuin zo het ijs op. Dan staat de buurman frikandellen te bakken en komt iedereen samen met een drankje bij elkaar staan. Dat soort taferelen ken ik niet vanuit Tilburg of Eindhoven.”

Toen we hier net woonden, had ik constant een vakantiegevoel. Eindeloos kon ik vogeltjes kijken met mijn zoon op de Binnenschelde en genieten van de stilte.

Wat houdt jullie bezig in het dagelijkse leven?

Franck: “Mariëlle en ik hebben los van elkaar allebei onze eigen onderneming. Ik heb mijn eigen bedrijf, Letsel Impact. Ik ben letselschadejurist en behartig de belangen van slachtoffers met letselschade. Dat liep eigenlijk meteen goed, dus heel spannend heb ik het ondernemerschap in combinatie met een gezin nooit gevonden.”
Mariëlle: “Ik help met mijn bedrijf Passion4work mensen die vastzitten in hun werk. Ook mijn onderneming liep meteen wel oké. Als ik echt overloop, huur ik zzp’ers in om me te helpen. Franck en ik hebben allebei geen vast personeel in dienst, dat scheelt een hoop zorgen. Sinds kort ben ik ook voorzitter van de ondernemersvereniging Halsteren, waar onze bedrijven gevestigd zijn. Dat levert veel leuke en waardevolle contacten op.”
Joris: “Ik zit nog op de basisschool, op Lodijke. Volgend schooljaar maak ik de overstap naar de middelbare school. Welke weet ik nog niet precies. Het wordt het Roncalli of ‘t Rijks. Wat ik later wil worden, weet ik ook nog niet echt. Professioneel voetballer gaat me vast niet lukken, al doe ik bij MOC’17 nog zo hard mijn best… Wetenschapper misschien?”
Wouter: “Ik heb ook nog geen flauw idee wat ik later wil gaan doen…”
Franck, lachend: “Het bedrijf van je vader overnemen, toch?”
Wouter: “Eerst maar eens een paar maanden naar het buitenland. Amerika, of zo.”
Mariëlle: “Wat onze kinderen later gaan doen maakt ons eigenlijk niet uit. Als ze maar gelukkig zijn in wat ze doen. We zijn overigens wel echt een mannengezin, er stroomt hier thuis echt een mannelijke energie. Er worden mannelijke grappen gemaakt, er wordt soms nogal heftig gesport. Eén keer ben ik weggelopen bij een voetbalwedstrijd van Patrick. Dat ging er zo wild aan toe, ik kon er niet naar kijken. Soms vind ik het wel jammer dat ik niet even lekker kan shoppen met een van de kinderen, dat vinden ze echt niet leuk. Maar het is nou eenmaal zo. We zijn een gelukkig gezin en dat is het belangrijkste.”